Wednesday, August 21, 2019

Dirrux' Blaasbalg

Anyway: the wind blows

Het weggewaaide rokje

Posted by admin On January - 19 - 2009

waslijnVorige week werd er aangebeld aan mijn voordeur. Dat gebeurt niet echt vaak, het is hier geen zoete inval. Ik val liever bij iemand anders binnen, dan kan ik ook weer weg wanneer ik het genoeg vind. Ik ging naar de deur en er stond een beeldschoon klein meisje van een jaar of 18 aan mijn voordeur. Zo’n meisje dat al duidelijk een vrouw is, maar haar kleren nog gewoon bij de kinderwinkels kan kopen. Ze zei: “Goedenavond mijnheer, ik ben het vriendinnetje van uw buurjongen”. Ze had me van alles kunnen wijsmaken wie ze was, ik ken de buren niet zo goed.

De buren en ik zijn niet dik met elkaar. Om een beeld te schetsen: een paar jaar geleden was ik verdwaald in een kroeg waar ik zelden kom en een meisje groette mij vrolijk in haar gang naar het toilet. Ik groette vrolijk terug en dacht meteen, wie is zij ook al weer? Zus van iemand? Bij mijn ouders gewerkt? Vriendin van mijn zus ofzo? Geen idee. Toen zij terug kwam van het toilet vroeg ik haar maar: “waar ken ik jou nou ook al weer van?” “Ze antwoordde: ik ben je buurmeisje!” Nee, ik was niet dronken, ik had geen excuus, ik stond gewoon voor lul. Maar goed, zo close ben ik dus met de buren.

Het meisje aan mijn voordeur zei: “Ik heb een stomme vraag, mijn rokje is net van de waslijn afgewaaid, ligt deze misschien in uw tuin?” “Geen idee” zei ik, “we gaan wel even kijken”. Dus ik met dat mooie kleine meisje in de achtertuin zoeken. Omdat het schemeren al tegen halfdonker aanliep en mijn tuinverlichting niet in optimale staat is vonden we niets. Jammer dus. Ik beloofde dat als ik het toch nog zou vinden, dat ik het dan bij haar langs zou brengen. “OK, Dank u wel meneer!”  Blijft zeer doen hoor, als ze meneer tegen me zeggen.

De avond voor koninginnedag pakte ik ‘s avonds mijn fiets en één van de wielen bleef steken achter een stuk stof. Ik bukte en zag een nat vod. Pakte het op en het bleek een klein spijkerrokje te zijn met hippe versierselen. Dat moet van dat meisje zijn, die ga ik even terugbrengen. Ik ben namelijk geen fetisjist zoals de japanner die vorige week is gearresteerd omdat hij een verzameling van 3000 gestolen damesslipjes in zijn bezit had.

Ik ben meteen naar de voordeur van de buren gelopen en belde aan. De tuin stond vol met fietsen dus er was een feestje aan de gang. De buurjongen deed open en ik vertelde dat ik het rokje van zijn vriendin had gevonden. Hij keek verheugd en zei dat ze daar wel blij mee zou zijn. Ik ging weer terug naar mijn achtertuin en hoorde vanuit de huiskamer van de buren een groot gejuich. Ik hoorde het meisje roepen: “Yeah, ik hem hem weer, cool!” “Dat vind ik nou nog eens leuk” schalde de buuv eroverheen. Een gevoel van geluk overviel me, goh, wat kun je makkelijk mensen gelukkig maken af en toe.

Het zou mooi zijn als ik nu had kunnen afronden met een beschriving hoe het meisje me kwam bedanken met een dikke zoen, of erger nog, een bos bloemen. Maar dat is niet gebeurd. Is ook helemaal niet nodig, maar voor het verhaal zou het wel leuk zijn. Ik geniet in elk geval nog steeds van de vreugdekreten uit de kamer van de buren. Heb ik ze in elk geval voor één keertje blij gemaakt.

Add A Comment