Tuesday, January 22, 2019

Dirrux' Blaasbalg

Anyway: the wind blows

En soms zit het tegen…

Posted by Dirruk On July - 22 - 2008

Het begon er mee dat we in de bus stapten twee dagen geleden. We hadden lekker rustig aan gedaan want we hadden toch vaste zitplaatsen en keken aardig op onze neus toen bleek dat niemand zich daar wat van aan had getrokken en we dus naast elkaar opgevouwen achterin moesten zitten. (Gelukkig nog wel naast elkaar want de stoelen die we eigenlijk hadden, 12 en 13, bleken helemaal niet naast elkaar te zitten).


Het was een ongeorganiseerd zooitje bij deze busmaatschappij en ik had er daarom in het begin al weinig vertrouwen in dat ze ons wel zouden laten weten wanneer we zouden moeten uitstappen. De bus ging namelijk vanuit Laos door naar Hue in Vietnam en wij wilden nog voor de grens, in Sepon, uitstappen. Aangezien we ook maar tot daar betaald hadden dachten we dat ze ons er wel uit zouden zetten maar de werkelijkheid was anders.

Nadat we weer onderweg waren na de lunchstop van een half uur stopte de bus er mee en stonden we even een half uurtje stil tot ze de motor weer aan de praat hadden. Waren wij even blij dat we niet helemaal naar Hue gingen in deze bus! Alhoewel dat makkelijk had gekund, want niemand had door dat wij er eerder uit wilden.

Op een gegeven moment zag Dirk een bordje voorbij flitsen waar iets op leek te staan dat erg op Sepon leek.. Ik ben toen maar met onze kaartjes naar voren gelopen en inderdaad, we waren er al voorbij. En ja, het stond vermeld op de passagierslijst, maarja, als je daar niet op kijkt..

Dussss. Er werd een vrachtwagen aangehouden die de andere kant op reed, de chauffeur daarvan werd gelukkig betaald door de busmaatschappij en wij werden met onze tassen ingeladen om weer een half uurtje terug naar Sepon te rijden.

Sepon was een dorpje van 1 straat waar allemaal hotels nieuw in aanbouw waren dus er zullen vast veel toeristen komen, maar wij hebben er geen gezien. Hebben we toch nog even het landelijke Laos kunnen proeven.

De volgende ochtend wilden we wel naar de grens. Dat kon gelukkig in een klein vrachtwagen/busje dat ze in Laos gebruiken om mensen te vervoeren. Jammer alleen dat we 2km voor de grens werden afgezet en er alleen mannen op brommertjes stonden om ons met tas en al achterop naar de grens te brengen. Mij niet gezien, dan loop ik liever.

Bij de grens werd er op ouderwets communistische manier langzaam en met veel stempels gewerkt en werden aan de Vietnameze kant onze paspoorten op de balie teruggesmeten nadat ze waren voorzien van stempels. Het is dat Dirk mij rustig houdt, wat halen die mensen het bloed onder mijn nagels vandaan met hun zielige machtsvertoon.

Bij de grens werden we belaagd door mensen met busjes en brommers en in het busje dat ons met een noodgang vanaf de grens naar onze eerste stad in Vietnam bracht werden sigaretten gesmokkeld. Ik denk dat wij als afleidingsmanoevre werkten: als ze de paspoorten van de buitenlanders checken dan kijken ze niet verder in het busje. Op ingenieuze wijze waren er zakken in overhemden genaaid waar hele sloffen in zaten. Het busmaatje deed zo’n hemd aan en daarover heen nog een overhemd. Overduidelijk te zien wat er onder zat maar zij geloofden geloof ik dat het goed verstopt zat.

Bij het uitstappen werden we weer belaagd door mensen die ons achterop hun brommers wilden trekken en geen nee wilden horen en dit senario herhaalde zich nogmaals bij het busstation. Ze zijn hier echt agressief en gaan je lopen duwen en aan je arm trekken, heel naar. Toen besloten we dat het genoeg was en dat we helemaal nergens meer een bus naartoe zouden nemen, we gingen een hotel zoeken en zouden de volgende dag (vandaag dus) wel verder zien.

Toen wij uitgeslapen en wakker en zeker niet meer zo geirriteerd als gisteren en dit keer voorbereid op de drukte, aankwamen op het busstation, kwamen we daar een Engels stel tegen. Zij helemaal in tranen omdat ze het een groot onrecht vond dat zij als buitenlandse meer moest betalen dan de locals. Het ging om ongeveer 60 cent en het ging haar vast om het principe maar wij konden ons daar echt niet druk om maken en zijn gewoon ingestapt. We zaten weer als vanouds (lees de verhalen over midden- en zuid-amerika er nog maar eens op na) met zijn 26-en in een klein busje. Gelukkig duurde de rit maar anderhalf uur maar comfortabel is anders.

We werden afgezet op het busstation. Niets nieuws, maar dit station lag 7 (!!) km buiten de stad. En weer geen taxi’s of tuk tuks maar weer de mannen op brommertjes. NEE, ik wil niet achterop, NEE, ik wil niet dood, NEE, rot op!!

Uit pure frustratie en om de constante zwerm mensen te ontwijken die om ons heen hing zijn we maar gaan lopen. Gelukkig kwam er een taxi langs (een van de weinigen) en die heeft ons naar ons hotel gebracht. Een gigantisch luxe kamer en een zwembad bij het hotel, daar waren we even aan toe. Af en toe moet je weer even opladen, sjemig wat kan reizen een energie vreten.

Ik weet dat het allemaal nog veel erger kan en dat we niet de enigen zijn (iedere toerist heeft hier minstens twee man achter hem aanlopen die wat van hem willen), maar wat een nare kennismaking met Vietnam.

Lin

Add A Comment