De neus en de kies van de duivel
Een paar dagen geleden was het tijd om te doen wat Linda al zes jaar geleden had willen doen, maar wat door tijdgebrek niet lukte: met de trein door de Andes naar "El Nariz del Diablo", ofwel "de neus van de duivel". En dan niet zomaar met de trein, nee, bovenop de trein zou dat gaan gebeuren. Adrenalinesporten zijn toch verzekerd in onze polis, dus een potje treinsurfen met prachtige uitzichten, dat zagen wij wel zitten. En iedereen die wel eens heeft weggedroomd bij het TV-programma Rail Away, die zal dat begrijpen.
De trein vertrok om 7 uur ´s morgens, dus stonden we al om zes uur klaar. We waren niet de eersten, want kennelijk hadden meer mensen de reisgids goed gelezen waarin stond dat je jezelf min of meer het dak op moest vechten vanwege het beperkte aantal plaatsen. Helaas was iedereen voor niets belachelijk vroeg opgestaan, want het mocht niet meer. Iedereen die het dak op wilde, die kon wel het dak op, maar dan alleen figuurlijk. Een maand of acht geleden zijn er twee toeristen vanaf gevallen en die hebben het niet overleefd, dus heeft men in alle wijsheid besloten niemand meer bovenop de trein te laten.
We gingen daarom netjes zitten in het oude houten wagonnetje tussen de andere toeristen en hobbelden zachtjes door de Andes, over grote hoogtes en door diepe dalen, die allemaal even prachtig waren. De bergen zagen er in eerste instantie uit als lappendekens door alle akkertjes, later was het onherbergzamer en was het vooral groen, bijna biljartgroen zelfs. En prachtig. Dat ook. Bij een stop mochten we voor een kodak-moment nog wel even op de goederenwagon klimmen, maar meer niet. Het was ijskoud op 3.000 meter hoogte en zelfs in stilstand schommelde deze wagon nogal, dus achteraf was ik er helemaal niet rouwig om dat ik warm en veilig binnen moest zitten.
We reden en tuften en schommelden lekker door en overal stonden kinderen naar ons te zwaaien, vaak in de traditionele kleurige dracht, inclusief een leuk hoedje met een veer. We voelden ons net Alex en Maxima en zwaaiden vrolijk en beleefd terug. Het duurde vrij lang voordat we erachter kwamen dat de kinderen niet zomaar naar de trein zwaaiden, maar dat deden in de hoop dat er snoep uit de trein zou worden gegooid. Aha, nu snapten we ook meteen waarom de treinventers lollies voor de kinderen aan ons probeerden te slijten. Uiteindelijk hebben ook wij tien lollies gekocht en deze bij een station door het raam uitgedeeld. Zelden waren wij populairder. Het voelde enerzijds goed, anderzijds hadden we toch een beetje het gevoel dat we meehielpen aan het nog verder laten wegrotten van de gebitten, die over het algemeen niet in goede staat zijn bij de bewoners van de Andes.
Na een uur of vijf rijden werd er een graafmachine uitgeladen die op de trein meereed op een wagon zonder muren en dak. Een lage open wagon dus. En omdat er toch houten balken op lagen besloten we daar maar op te gaan zitten in de hoop dat we zo mochten meerijden. En het mocht! Was niet zo eng als op het dak, het was niet koud meer en we hadden evengoed prachtige uitzichten. De afdaling van de Neus van de Duivel was spectaculair. Deze was zo steil dat er geen bochten in zaten, maar een zigzag-rails, waarbij de trein respectievelijk vooruit en achteruit reed. En wij maar genieten van het uitzicht ondertussen.
Na een minuut of tien pauze op het verste punt werd de trein terug gerangeerd in een opstelling waarmee de terugreis kon beginnen. Het was nogal een logica-puzzel wat de mannen van de trein moesten oplossen, maar het lukte. We reden terug en de treinmannen kregen het volgende probleem op te lossen. Bij één van de wissels op het zig-zag-traject was de goederenwagon namelijk van de rails geraakt. Er werden grote wiggen en andere hulpstukken tevoorschijn getoverd en na vier pogingen lukte het de mannen om – ondanks dat de passagiers hinderlijk in de weg stonden om te filmen en kiekjes te schieten voor thuis – de trein weer op de rails te krijgen en we boemelden fijn terug, waarbij wij nog steeds op de lage open wagon genoten van de imposante Andes.
Na dit hoogtepunt volgde er een vreselijk dieptepunt. ´s Avonds bij thuiskomst trof me een stekende kiespijn, gevolgd door een ondraagbare hoofdpijn. Laten we het "de kies van de duivel" noemen om een beetje in stijl te blijven. Aangezien het de derde keer al was in een maand hebben we besloten dat ik maar naar de tandarts moest. Ik ben er eigenlijk te schijterig voor, maar ik had gelezen dat er in Guayaquil goede tandartsen zitten, dus zijn we daar maar naar toegegaan. Ik heb er een uur of drie in de stoel gelegen voor een wortelkanaalbehandeling en voorbereidingen op het zetten van een kroon, wat morgen gaat gebeuren.
De details van deze behandeling laat ik achterwege, daar zit niemand op te wachten. Ik heb in elk geval pijnstillers waar je drie paarden mee kunt verdoven, dus zoals het er nu uit ziet kan ik vrijdag pijnloos en gezond naar de Galapagos. En daar ben ik hard aan toe, want na dit schitterende hoogtepunt en dramatische dieptepunt kan ik wel even acht dagen vakantie gebruiken om bij te komen
.
Dirk
Popularity: 2% [?]
geen reacties?? tja.. ik kan ook niet veel meer zeggen dan dat ik jullie verhalen ademloos lees..inmiddels bijna “op vakantie” naar de eilanden? Take care! grtz 10