Travel
No Comments Spameadores
Woensdagavond, acht uur. Ik ben thuis na drie weken Mexico. Ik kan urenlang schrijven over hoe kut het is om weer thuis te zijn. Het is hier koud, grijs, saai, ik moet de wasmachine straks leeg halen, morgenochtend weer naar mijn werk en heb boerenkool gegeten in huize Schoonouder in plaats van taco’s met veel habanera’s, guacamole en een Margharita op een warm terras. Allemaal kut dus. Maar vanmiddag bij het boodschappen doen in één der plaatselijke winkelcentra ontdekte ik toch al weer één van de voordelen van Nederland.
Op de één of andere manier voelde ik mij namelijk heerlijk
rustig. Ik liep langs winkels en niemand probeerde me naar binnen te
lullen. Ik kon gewoon even stil staan voor een etalage en monsteren
welke spullen ik mooi vond, maar niet zou gaan kopen. Gewoon even
"kijken, kijken, niet kopen" en niemand die zich er mee bemoeide.
Niemand die aan mijn kop zeurde.
De laatste dagen in het Mexicaanse bevonden wij ons in het
meer toeristische gedeelte, en er moesten nog allerlei dingetjes
gekocht worden. Iedereen die zich min of meer mijn vriend noemt
verwacht nu waarschijnlijk dat ik leuke souvenirs voor ze heb gekocht,
maar niets is minder waar. Ik was slechts op zoek naar goedkope drank
en sigaretten. Maar degenen die flink hebben aangepapt met Linda kunnen
wellicht wel een mooi armbandje, kettinkie of iets anders verwachten.
Ik was bijna vergeten dat het bestond, de morele vrouwelijke plicht om
kado’tjes mee te nemen van vakantie, maar dit fenomeen dat lang uit
mijn leven was verdwenen blijkt sterker te zijn dan ooit tevoren.
Nu is het helemaal niet zo erg om op je slippertjes in je
korte broek door een toeristenstraat te lopen, er is namelijk veel te
zien. Niet zo zeer in de winkels die allemaal hetzelfde verkopen, maar
vooral de mensen die net als wij de toerist uithangen zijn de moeite
van het bekijken waard. De mislukte exemplaren zijn hilarisch en de
gelukte, met name de jonge vrouwelijke, zijn een uitdaging voor het
oog, vooral als ze net van het strand komen, nog half nat van de zee,
lichtjes zwetend in hun bikini, vrolijk giechelend en…
Hou maar op Dirruk, de mensen weten wel wat je bedoelt en dat
wou je helemaal niet vertellen. Je wou vertellen over die vervelende
verkopers die je allemaal met hun mongolen-Engels hun winkels in willen
lullen: "Hey amigo, Speak Englisch?" "Where you from?" Wanna buy
Neckless?" "How are you?" "This is restaurant, good food!". Afijn, u
kent de zinnetjes wel.
In het begin is dit nog wel te pruimen, maar dit straatgespam
- welke zijn gelijke zich zelfs in mijn mailbox niet kent in
viagramailtjes – begint toch al snel meer dan vervelend te worden.
Vooral als ze gaan roepen: "Alles gratis" of "kijken, kijken, niet
kopen".
Na een aantal maal netjes "Non Gracias" te hebben gezegd
begint het botte negeren. Maar ook dat is niet uit te houden voor mij,
ik wil op een gegeven moment iets terug zeggen. Er komen dan opeens
Nederlandse antwoorden uit mijn strot als: "rot op", "gaat je niets
aan", "Ik ben je vriend niet" "Ja, dat zie ik ook wel" en "Ben je van
de jehova’s ofzo?". Of erger en/of leuker, vul zelf maar in. En dan
wordt het vervelende opeens weer leuk als die gasten je stom aan zitten
te kijken.
Nog mooier is het als je een tijdje in de winkel staat, ze
negeert en ze in het Spaans zeggen: "Sta ik hier tegen mezelf te lullen
ofzo?" en Linda dient hem van repliek door in vloeibaar Spaans te
zeggen: "Ja, je lult tegen jezelf en wij hebben je hulp helemaal niet
nodig om te zien dat dat een T-shirt is waar Corona op staat". Dat is
gewoon puur vakantiegenot.
Waar het uiteindelijk op neer komt is dat we schijtziek werden
van het vocabulaire gespam van de Mexicaanse winkeliers. En dat je op
een gegeven moment een arrogante blanke toerist wordt die niet meer
vriendelijk lacht, maar gewoon kwaad kijkt. Iets onverstaanbaars
schreeuwt en doorloopt en de behoeftige arme indiaantjes dus de verkoop
niet meer gunt. Daar wordt niemand blij van. Wij niet, zij niet,
niemand niet. Het frustreert de ontwikkelingshulp die toerisme heet en
die wordt tegengehouden door cultuurverschillen.
Maar ik heb er een oplossing voor.
Ik ga namelijk T-shirtjes maken.
T-shirtjes met leuke teksten, zoals je die nou eenmaal veel
ziet in toeristenplaatsen. T-shirts waarop de antwoorden staan op de
standaard vragen die de verkopers daar stellen, zoals: "Yes, I’m doing
fine, I speak English, I’m from Holland/England/USA/Germany etc and I
can see what you sell, so please don’t talk to me and let me watch
untill I start talking to you". En dan op de achterkant iets als:
"Sorry, you didn’t respect my T-shirt, so fuck off". En in elk land
natuurlijk de versie in de plaatselijke taal die begrijpbaar is voor de
inheemsen en ook nog eens leuk doet als kado’tje voor thuisblijvers.
Het concept moet nog verder uitgewerkt worden, maar ik voorzie
dat ik niet alleen een hoop frustraties van toeristen en zeker ook die
van de lokalen voorkom, maar ik voorzie vooral dat ik er vreselijk
financieel mee binnen ga lopen. Ik ga ze verkopen op de vliegvelden en
in alle grote hotels, of zelfs gewoon aan reisorganisaties die ze als
extra service aan hun klanten geven of verkopen voor weinig. Een
goudmijn.
Ik verheug me er nu al op dat ik zelf mensen ga lastig vallen dat ze zo’n T-shirt van me moeten kopen.
Maar meer dan dat nog ben ik blij dat dit verkoopgedrag zich in
Nederland voornamelijk beperkt tot krantenuitgevers en
geloofsuitdragers.
Nederland is zo gek nog niet.
Popularity: 2% [?]